dé foto

Ik kijk naar een foto die ik onlangs van Mic nam. Een sterk gevoel overvalt me, en hoe intens ook, wanneer ik het onder woorden wil brengen, komt er eerst helemaal niets. Ik krijg het gevoel niet vertaald. Nada!
Mic zegt: ‘begin gewoon met de woorden die je te binnen schieten en dan zien we wel hoe ver we geraken’:
Het reizen brengt ons in onverwachte situaties. Soms zijn die neutraal, soms weldoend, soms uitdagend. Als die nieuwe situaties onze blik soepeler maken, dan is het op-reis-zijn zinvol. Dan laten we toe dat de omstandigheden een invloed hebben op ons, in plaats van dat we steeds proberen de omstandigheden te kneden naar ons beeld. We omarmen zo het onverwachte, hoewel niet altijd terstond of met de grootste glimlach.
Reizen met ons huis op wielen biedt de mogelijkheid om lang en ver van de beschaving weg te rijden en zo uit elke sociale context te stappen. Daar zijn geen verplichtingen en geen plannen, er is geen tijdsdruk, er is geen afleiding (als we tenminste de telefoon terzijde durven schuiven). Het is als een warm bad na een drukke tijd. Niemand klopt nog op de deur, behalve eens iemand ‘nou, leuke camper hebben jullie!’, en die wimpelen we snel maar vriendelijk af.
Ook de impact van 6,5 jaar samenwonen in een container is aanzienlijk. De beperkte ruimte dwingt ons om te blijven kijken naar wat geraakt wordt. Wat het ook is, het kan nergens heen.
Stapje voor stapje -bijna onopgemerkt- is een allesomvattende vertrouwdheid ontstaan. Ik kijk naar de foto van Mic en realiseer me dat ik hem niet meer zie als ‘een andere’. Ik zie zijn kop immers vaker dan de mijne, ik heb alle onderdelen van zijn lijf bestudeerd, ook de delen die hij zelf nooit te zien krijgt. Op emotioneel vlak zijn alle excuses al lang opgebruikt, grapjes leiden niet meer af van de essentie, verwachtingen zijn ingevuld of net niet ingevuld, kennis en kunde maken al lang geen indruk meer, zwijgen en liegen zijn te pijnlijk, oordelen is neerbuigend en op alles commentaar geven gaat vervelen. Alles wat bescherming leek te bieden is weg.
Ik heb vaak het beeld voor ogen dat het leven zich afspeelt in een horizontale en een verticale dimensie.
Stel de horizontale dimensie voor als de oppervlakte van een meer: soms is het oppervlak als een spiegel en dan kunnen we ongestoord stoeien in het (hier meestal koude) water of kunnen we spelen met kajaks. We zijn voortdurend in elkaars perimeter en we genieten met volle teugen van de kameraadschap. Soms is er deining, wind of regen: wanneer onvrede de kop opsteekt, leren we snel uit elkaars vaarwater te peddelen, om dan de stukken te lijmen zo gauw de wind luwt, want in vrede zijn is belangrijker dan gelijk krijgen.
Het is niet moeilijk om verstrikt geraken of te blijven in het spel van de horizontale dimensie, alsof deze zo belangrijk is. De zichtbare wereld, de hele horizontale dimensie, schreeuwt om aandacht. Je kan er volop opgaan in het genieten en het strijden.
En dan is er een wandeling tot hoog op een berg, het moment van afzondering, de stilte, een meditatie bij de ondergaande zon, een rit door een weids en vredevol landschap.
Naarmate ik hoger stap op de berg of dieper duik onder het wateroppervlak, verstomt het aardse geraas en wordt het zicht op de oh zo belangrijke bedrijvigheid wazig. Het is de plaats waar meditatie me wil brengen. Het is de toegang tot een verticale dimensie, tijdloos en vormloos.
We willen een goede balans vinden in die twee dimensies: goed functioneren in de horizontale, fysieke dimensie is één ding. Vrede vinden in de verticale dimensie is een ander ding. In een goede balans beïnvloeden de dimensies elkaar.
Nu moet het komen!:
Het reizen schudt aan de boom, afstand nemen brengt een frisse blik, het samenzijn breekt muren af… Gaandeweg is er minder hoog te houden, er is minder te verstoppen. Mic blijft Mic en Roel blijft Roel, maar de onderlinge verschillen worden doorzichtig. Ze gaan minder en minder in de weg zitten om echt te verbinden. Wanneer de verschillen niet meer in de weg zitten, komt er als vanzelf meer licht door.
Het wordt zichtbaar op de foto:
Hij is me even vertrouwd als ik mezelf ben. Op een bepaalde manier is er geen grens meer tussen hem en mij.
Roel

Geef een reactie