Deze morgen besloten we om binnen te blijven. We staan op een strand ver buiten Ushuaïa en buiten is het 7°, bewolkt en winderig, binnen is het 24°. Hoe heerlijk is het om niets om handen te hebben. Er is geen enkele actie die ondernomen moet worden, er is niets om te onthouden, niets om naar uit te kijken behalve het aperitief, en dat is ten vroegste binnen een uurtje. Het is stil buiten, het is stil binnen. Mic tokkelt af en toe zachtjes op het klavier van zijn computer. Ik denk dat hij een film samenstelt voor zijn blog. De compressor van de ijskast gromt bijna onhoorbaar op de achtergrond en ik word mijn tinnitus gewaar. Dat is alles. Ik oefen in stil zijn, en bij uitbreiding ook in stil doen. Maar het doen komt dus pas binnen een uurtje.
Als ik een idee heb zoals het schrijven van dit tekstje, dan wil ik het uitwerken totdat het tot een resultaat leidt. De hersenactiviteit is dan zinvol denken. Nadien mag het terug stil worden in het hoofd.
Als ik het idee niet onmiddellijk kan uitwerken, of het gaat over iets dat niet tot resultaat zal leiden, dan kan de hersenactiviteit malen of zelfs piekeren worden en dat loopt in cirkeltjes. Dan zal ik ‘s nachts nog 10x het idee van voor naar achter en van achter naar voor bekijken. Het gijzelt mijn hoofd, en het hier en nu gaan verloren, net zoals mijn slaap.
Roel

Geef een reactie